IMPRESSIES ONDERWIJSBEURS door Zoe D. Cochia

 

Vroeg in de ochtend stap ik vol enthousiasme op de trein, richting Utrecht, naar de onderwijsbeurs. Spannend, spannend allemaal… want ik ben er nog nooit geweest.

Eenmaal gearriveerd in Utrecht moet ik door al de met winkels gegarneerde gangen, winkels en weer winkels, in wat voor vorm ook. Alles is er…het ontbreekt ons niets…Ik krijg het benauwd, ik heb lucht nodig. Een trap naar beneden, en nog een, tot ik op het pleintje van het Beatrix gebouw terechtkom…Alles is consument en weer consument. Hoera, hoera, schreeuwt al weer het vogelparadijs..

Ik mag nu naar buiten, oversteken. Verder, aan de overkant zie ik de Jaarbeurs. Fabrieksachtig.
Ondanks deze verschijning is de weg tot daar bekleed met een fluwelen blauwe lap (moet ik me als en movie star voelen? Is dat de bedoeling?)

Na een paar stempels, gegevens die ingevoerd moesten worden, beland ik in het Onderwijsland. Wauw, kleuren schitteren, de een nog mooier dan de andere, gastvrouwen en mannen ontvangen het publiek met tasjes vol papier, 100 procent katoen tasjes, ronde of vierkantige tasjes. Iedereen grijpt zijn kans, want de tassen zijn stevig, goed voor de boodschappen. Wat erop staat dat zien we straks.

Verschillende blikken proberen me in hun net te vangen. Ik laat het niet toe, ik loop waar mijn bestemming is. Wat is mijn bestemming? Ik geef zelf workshops beeldende kunst en grafische vormgeving en tegelijkertijd volg ik de docentenopleiding bij WdK Rotterdam. Dus ik zoek iets in die richting. Na een half uur verdwaald door de enorme ruimtes, kom ik eindelijk bij het heel modeste paviljoen van het Kröller Museum. Een plezierige ontmoeting, zoals de ontmoeting met de man van de uitgeverij Lambo, die een even bescheiden paviljoen heeft.
Bij het wereldplein een heel vurige, sympathieke, Engels sprekende dame. Ze is aboriginal patronen aan het tekenen. Ik spreek haar aan en het klikt meteen, ze vertelt me dat ze een echte aboriginal is, ik vertel haar waar ik vandaan kom en dat ik culturele activiteiten organiseer. Het voelt goed – ze geeft me wat folders en vertelt me dat de man die dat organiseert (en ook haar “beschermt”) ergens in de buurt is, maar hij zal er elke moment zijn. En ja hoor, vijf minuten later verschijnt hij als een VIP, met gelaatsuitdrukking zo van “wat moet je”. Maar goed, ik neem afscheid van de leuke dame en ga verder naar mijn volgende doel, de presentatie van het Nederlandse Instituut voor Beeld en Geluid. Het lijkt me heel interessant en ik ben er benieuwd naar. Van de presentator, een keurige jongen van 29, krijg ik informatie over van alles wat te beleven is qua educatie bij hun. Ik begrip dat ze 120.000.000 euro’s gekregen hebben. Hij laat ons de workshops zien die ze voor het primaire en voortgezette onderwijs geven. Verrassing. Reclames, soaps (met als voorbeeld Goede tijden, slechte tijden) en nieuws. Aan het eind van de presentatie zie ik de mensen positief knikkend. “Heeft u nog een vraag?’stelt de jonge man een laatste zin aan ons. Niemand reageert, alles is duidelijk. Voor mij niet. Waarom per se reclames en soaps?

Ik pak mijn jas van de garderobe en probeer de weg te vinden via hal 12,11 en 10 naar de uitgang. Onderweg stop ik bij Teleblik. De redactie stelt actuele en historische beelden ter beschikking voor het onderwijs. En inderdaad wat ze doen is geweldig.

Met een volle tas loop ik naar het station, alweer door de enge gangen. Op een gegeven moment krijg ik een grotesk beeld van mezelf. Het is net alsof ik van de vlees of de zaterdagse markt kom. Want het ontbreekt ons niets…Is dat geluk? Weet ik niet…